De andere boeg van Marillion:

'Holidays In Eden is geen bewuste koerswijziging'

Met haar nieuwste album Holidays In Eden wekt Marillion de indruk overstag te zijn gegaan voor de wensen van de commercie.  De plaat zal ongetwijfeld een aantal hit(je)s opleveren, maar de vraag of we met die nieuwe koers nu zo blij moeten zijn, zal voor velen in één word van drie letters te beantwoorden zijn.  Een vraaggesprek over het vlaggeschip van de symfo en het gevaarlijke vaarwater.

Dick Speelpenning
SI Magazine  - Maandblad over Melodieuze Rockmuziek
September 1991

Mark Kelly klinkt vrij duidelijk waar het de rechtvaardiging van de keuze voor producer Chris Neil betreft: "Als we de plaat met iemand anders hadden opgenomen was het uiteindelijke resultaat niet veel anders geworden".  Maar even daarvoor liet hij zich ontvallen dat de groep "bang was om met Chris Neil in zee te gaan vanwege zijn pop-achtergrond".  Als producer Chris Neil de oorzaak is van de al dan niet bewuste koerswijziging richting het grote publiek, want anders kun je de pop-plaat met symfonische trekjes die Holidays In Eden is geworden toch niet noemen, is er nog hoop.  Het feit dat de band zeer tevreden is met het uiteindelijk behaalde resultaat geeft echter aanzienlijk minder reden tot hoop.  Want Marillion's zesde studioalbum mag dan op zich geen slechte plaat zijn, voor een CD van een van de belangrijkste vaandeldragers van de symfo is het resultaat toch teleurstellend.
Steve Hogarth en Mark Kelly in de verdediging tegen deze en andere aanklachten.  Het oordeel is aan de vele deskundige leden van de jury.
Steve, hoe is je eerste tour bevallen?
Hogarth:
Heel erg goed.  Het is tot nu toe sowieso een fantastische tijd geweest.  Het bevalt me prima bij de band.  We gaan heel goed met elkaar om en vooral de reacties van de fans waren veel vriendelijker dan ik in de verste verte had durven hopen, niet alleen hier in Holland, maar overal ter wereld.
Tijdens ons vorige interview, vlak voor jullie optredens in Muziekcentrum Vredenburg in Utrecht, was je nogal nerveus voor die confrontatie.
Hogarth:
Inderdaad.  Overal ter wereld zat ik elke avond te wachten totdat ik opgeknoopt zou worden, maar elke avond voelde ik me al na twee songs alsof ik altijd al deel van Marillion had uitgemaakt.  Vooral Utrecht, Parijs en Glasgow spanden de kroon waar het de warmte van de reacties van het publiek betrof.   Voor Glasgow was ik nog het meest bevreesd, want ik voelde me alsof ik in Fish' achtertuin ging spelen.  Ik ging als versteend het podium op omdat ik voorzag dat dat optreden de moeilijkste zou gaan worden.  Maar het publiek moet dat gevoeld hebben, want ze waren dubbel zo luidruchtig als alle andere optredens in Groot Brittannië.   Het publiek heeft me er daar doorheen gesleept.
Was het inderdaad zo lastig als wel beweerd wordt om een bekende frontman op te volgen?
Hogarth:
Makkelijk is het in elk geval niet.  Maar niemand heeft het me moeilijker gemaakt.  Ik werd voortdurend omringd met mensen die het me zo makkelijk mogelijk maakten.  Vooral de band natuurlijk.  Ze hebben me nooit onder druk gezet en me aan alle kanten geholpen, vooral met optredens.
Toen jullie vorig jaar in Ahoy optraden waren je ouders er ook.  Waren ze trots op je?
Hogarth:
  Ze vonden het prachtig, hoewel het natuurlijk wel mijn Mum and Dad zijn.  Ze vinden het bij wijze van spreken al schitterend als ik in de badkamer zou zingen, laat staan voor zo'n zaal vol mensen.  Maar ze houden van ons soort muziek, ze vinden het niet alleen mooi omdat ik hun zoon ben.   Toen ik een jaar of zeventien was nam mijn vader me altijd al mee naar Yes en Genesis.  Mijn vader en moeder gingen in de jaren '70 regelmatig samen naar concerten van Yes en Genesis.  Ze hebben ook al hun platen.  Ze vonden het een prachtige avond, ook al omdat ik ze bij wijze van cadeautje over had laten vliegen.  Ze vierden die dag hun trouwdag, vandaar.  Mijn moeder heeft zich letterlijk door ons optreden heen gehuild.  (Kelly begint hard te lachen).  Van geluk dan.  Dat zegt overigens niet zoveel hoor, want ze begint al te huilen als je een reep chocolade voor haar koopt.
Vriend en vijand zijn het erover eens dat je een uitstekende zanger bent, maar als frontman moet je toch nog een stuk beter kunnen.
Hogarth:
Fuck you! (Barst vervolgens in luid gelach uit).   Mag je dat wel opschrijven?
Vast wel.
Hogarth:
Ach, als je me met Fish vergelijkt kan ik me dat wel voorstellen.  Maar vertel maar wat ik moet doen, dan zal ik het er in stoppen.
Van mij mag jullie hele show wel wat spontaner en losser zijn en als frontman geldt dat dus ook voor jou.
Kelly:
Ho, wacht even.  Als betrokkene, insider zelfs, ben ik het daar niet mee eens.  Soms zegt Steve voor de vuist weg hele leuke dingen tussen de nummers door.  Als ik dan zeg dat hij die teksten er in moet houden wil hij dat juist niet.  Steve wil zeggen wat hij op een bepaald moment wil zeggen en niet wat hij de vorige avond al gezegd heeft.  Hij wil geen type Phil Collins worden.   Niet dat ik iets tegen Phil Collins heb, maar dat is wel iemand die elke avond exact dezelfde dingen opexact dezelfde momenten zegt.  Trouwens, Fish heeft ook zo'n golfbeweging gehad.  Eerst zei hij avond aan avond dezelfde dingen totdat hij in de gaten kreeg dat hij een parodie op zichzelf aan het worden was.  Later ging hij weer spontaan dingen zeggen, en toegegeven, daar was hij heel sterk in.  Maar als zanger liet hij soms heel wat te wensen over.  Verschillende mensen hebben nu eenmaal verschillende kwaliteiten.  Ik prefereer een band met een zanger die in de eerste plaats goed zingt.  Als je een komiek wil zien moet je naar de schouwburg gaan.
Ik doel niet alleen maar op aankondigingen.
Hogarth:
Als zanger, maar ook als performer leer ik nog dagelijks.   Ik ben het wel met je eens, ik voel dat ik nog veel beter kan en hopelijk blijft dat zo.  Bij een lange tour begin je blanco en heel spontaan.  Op een gegeven moment doe je iets dat goed werkt en dat hou je er in.  Het wordt dus steeds beter, omdat je de beste stukjes in je show verwerkt.  Maar halverwege de tour heb je ook dat al vijf avonden achter elkaar gedaan en krijg je het gevoel dat je een acteur begint te worden.  Dat is een val waar je niet in wilt trappen, dus ga je dan opzettelijk alles vermijden dat het goed doet bij het publiek, omdat je dat zat wordt.  Naarmate je performance spontaner wordt, wordt-ie ook zwakker.
Kelly: Bovedien zit je vast aan de set.  We móeten wel, je kunt niet aan het publiek gaan vragen welke songs ze op dat moment willen horen.
Waarom eigenlijk niet?
Kelly:
Okee, sommige bands doen dat, maar dat is altijd bij optredens op kleinere schaal.  We hebben te maken met een licht- en geluidstechnicus.   Als we tijdens de show spontaan Easter zouden gaan spelen als The King Of Sunset Town gepland staat zouden ze onmiddellijk in paniek raken en gaan roepen: "what the fuck's going on?" We hebben die vastigheid in de set nodig. We moeten songs in een bepaalde volgorde spelen, anders gaat het gewoon mis.
Dat kan ik begrijpen, maar waarom kunnen jullie tijdens zo'n tour de set niet vaker veranderen?  Dan vermijd je het risico dat later in de tour de show zo geprogrammeeerd overkomt.
Kelly:
Dat doen we ook, maar niet zo vaak.  Zoveel speelruimte hebben we niet.  We spelen de nieuwste plaat vrijwel helemaal en dan nog een handvol sterke songs van eerdere albums.  We kunnen eventueel wat wisselen met twee of drie songs, maar niet met een heel stel.  Om te beginnen zou je die allemaal moeten instuderen en ik kan je wel zeggen dat dat er bij ons toch niet van komt.  En om op Steve terug te komen, als frontman is hij al heel erg gegroeid.  Als ik naar mijn eigen eerste optredens kijk... Het was geloof ik mijn tweede optreden, we waren support voor een zaal met pakweg tweeduizend mensen, en ik was werkelijk als de dood.   Terwijl ik als toetsenman toch op de achtergrond blijf.  Stel je dan de frontman voor en dan voor een zaal met vele duizenden mensen die allemaal speciaal voor jou komen.  Ik akn je vertellen dat dat een behoorlijke druk is.  Als je dan ook nog eens een bekende persoonlijkheid moet opvolgen is dat niet niks.  Maar Steve is een stuk zelfverzekerder geworden, je zult bij de komende tour het verschil wel kunnen zien met bijvoorbeeld onze optredens in Utrecht.
Jammer, want die waren nu juist zo goed vanwege die ongedwongen sfeer die er heerste.   In de zaal, maar ook op het podium.  Een heel verschil met jullie optreden in Ahoy tijdens diezelfde tour.
Kelly:
Die optredens in Utrecht waren ook voor ons heel speciale avonden.  Als je een half jaar achter elkaar vijf of zes optredens per week doet mag je niet verwachten dat ze allemaal zo zijn.  Als elke avond zo fantastisch zou zijn zouden ze daardoor juist weer gewoon worden.  Snap je wat ik bedoel?  Sommige avonden voelen we zelf ook dat er iets magisch gebeurt.  Andere avonden is het gewoon minder, misschien Ahoy' ook wel, hoewel ik vond dat het toen heel goed ging.  Maar misschien was het wel tè goed, niet menselijk genoeg meer.
Steve: (lachend): We hoeven ons toch niet te verontschuldigen voor onze perfectie?  Weet je wat het probleem is met dat soort optredens?   Shows van die grootte worden haast intimiderend.  Iedereen op het podium wil juist daar z'n beste beentje voorzetten en zeker geen missers begaan.  Als dat lukt kan het inderdaad clean overkomen.
Kelly: Je had er onlangs bij moeten zijn toen we een acoustische set hebben gespeeld, dat had je prachtig gevonden.  Het was verre van perfect, maar het had wel iets heel speciaals.  Zeven songs met alleen acoustische zessnarige en twaalfsnarige gitaar, toetsen en zang.  We hebben zelfs Holloway Girl gespeeld, acoustisch, kun je je dat voorstellen?  We zijn ons wel degelijk bewust dat muziek iets levends is, we zijn geen machines en dat willen we ook niet zijn
Laten we het hebben over jullie nieuwe CD Holidays In Eden.  Ik dacht dat jullie weer met Chris Kimsey wilden gaan werken, die Misplaced Childhood en Clutching At Straws heeft geproduceerd.  Waarom hebben jullie uiteindelijk toch voor Chris Neil gekozen, die toch bekend staat om zijn op singles gerichte aanpak?
Kelly:
We hebben met Kimsey gepraat, maar hij bleef ons maar aan het lijntje houden.  Wij zaten maar te wachten, maar we moesten in januari wel beginnen.   We hebben hem toen een contract voorgelegd om hem te dwingen ja te zeggen, maar dat wilde hij niet tekenen.  Toen was het voor ons simpel over en sluiten en zijn we bij Chris Neil terecht gekomen.  In feite was dat onze mazzel.  We hadden voor Seasons End op aanradenvan Nick Davis (uiteindelijke producer van die plaat, DS) al met hem gesproken, maar we waren bang om met hem in zee te gaan vanwege zijn pop-achtergrond.   Omdat Steve toen net bij de band was wilden we niet nóg een extra verandering, zeker niet richting popsongs.  Als Chris Neil ons toen had geproduceerd had iedereen Steve de schuld gegeven: "Nieuwe zanger, complete koerswijziging, schuld van de zanger".  Vandaar dat we toen van hem hebben afgezien, maar nu dachten we dat het wel kon.  Toen we bij Chris aanklopten dacht hij eerst dat we hem niet konden uitstaan, maar we hebben hem uitgelegd dat we alleen dachten dat hij minder geschikt zou zijn geweest voor Seasons End.  En onze bezorgdheid dat hij ons in een popband wilde veranderen bleek ongegrond.  Wat ons opviel was dat hij ons zo vreselijk graag wilde produceren.  Hij heeft een zoon van een jaar of zeventien die ons al sinds Misplaced Childhood volgt en al onze platen heeft.  Chris zei dat hij wel er een fantastische plaat van móest maken, omdat zijn zoon hem zou vermoorden als hij het zou verknallen.   Het was heel fijn wekren met hem en hij heeft het beste in ons naar bovengebracht.   Ook wat betreft de langere tracks.  We waren een beetje bevreesd dat hij alles wilde inkorten zo dat het als single kon dienen, maar dat was gelukkig helemaal niet zo.   Al zijn suggesties waren dingetjes waar we het helemaal mee eens waren, we hoefden niet in gevecht met hem.  En vooral met de kortere nummers die we hadden geschreven, de mogelijke singles, of om eens een vies woord te gebruiken, de commerciëlere songs, heeft hij goed werk verricht.  Met Cover My Eyes bijvoorbeel, maar ook met No One Can en Dryland.
Hogarth:
Zijn inbreng was heel goed, vooral met zaken als de overgangen tussen coupletten en refreinen.  Dingen die we zelf over het hoofd zouden zien als we onszelf zouden produceren.  Het is goed om iemand te hebben met verstand van zaken die zegt wanneer iets vibe heeft.  Vooral in een later stadium van opnemen, met overdubs en achtergrondzang, verdient een producer zijn geld.
Jullie zijn vorig jaar door onze lezers tot favoriete band gekozen.
Kelly:
Fantastisch!
Hogarth: Ik ben benieuwd wat ze over een jaar van ons vinden, of we gezakt zullen zijn.
Dat zou me op zich niet verbazen...
(Beiden beginnen enigszins onzeker te lachen).
Laten we wel zijn, Holidays In Eden is toch stukken minder symfonisch en herkenbaar dan al jullie voorgaande platen.  Was dat jullie eigen keuze of is dat Chris' invloed geweest?
Kelly:
Het beste antwoord dat ik kan geven is een beetje van beide.   Wij hebben natuurlijk de songs geschreven.  Als we de plaat met iemand anders hadden opgenomen was het uiteindelijke resultaat niet veel anders geworden.  De sound van de plaat is natuurlijk moderner dan je van ons gewend bent, misschien dat het daarom ook wat minder progressief lijkt.
Hogarth: Chris heeft vooral zijn bijdrage geleverd aan songs die tot singles konden uitgroeien.  Hij zei vaak (slaat hard in zijn handen): "dit is een geheide single".  Dat is natuurlijk ook zijn achtergrond.  En in zekere zin verwachtten we dat ook van hem.  Het heeft weinig zin een nummer op single uit te brengen als het niet klinkt als een single.  Een single moet airplay krijgen.  Je moet daarom een paar bewuste beslissingen nemen.  Je moet niet alleen geen singles schrijven, als je een nummer schrijft dat klinkt als een single moet je het ook onmiddellijk weggooien.  Je wilt namelijk geen singles schrijven en als die singles zouden kunnen worden moet je gaan proberen er alles uit te halen wat er in zit, zodat ze ook werken als single.  Dat is wat we wilden en dat is ook gedeeltelijk waarom we Chris ingehuurd hebben.  En met success.  Waar we wel bang voor waren dat hij typische album-tracks zou willen veranderen, maar persoonlijk vind ik niet dat dat gebeurd is.  Neem Splintering Heart of The Party,dat vind ik typische album-tracks.
Inclusief het slot vande plaat (This Town, The Rakes Progress en100 Nights) heb je het daarmee danook wel gehad.  De rest zijn stuk voor stuk potentiële singles: simpel en commercieel.
Kelly:
Ach, dat fantaseer je maar.  Simpel zeg je?  Ons meest symfonische plaat was waarschijnlijk Misplaced Childhood, maar het is een feit dat die plaat het simpelste stuk muziek is dat we ooit geschreven hebben.  Er zit een aantal muzikale ideeën achter die plaat die vrijwel de hele plaat zíjn.
Met simpel doel ik meer op het feit dat er binnen al die songs veel minder verschillende sfeertjes en overgangen zijn.  Het is toch vooral het beter meefluit-werk.  Ik mis meer typische Marillion-songs van het kaliber The Space of Splintering Heart, nummers waar wel veel in zit.
Hogarth:
Dat klopt.  Deze plaat bevat ook meer kortere songs.   Dat is gewoon zo gegroeid en geen bewuste beslissing geweest.  Wat een volgende plaat brengt hangt helemaal af van wat we op dat moment schrijven.  Holidays In Eden is géén bewuste koerswijziging.
Was het schrijfproces voor deze plaat net zo gemakkelijk als voor Seasons End, toen jullie zo'n beetje in een week de complete plaat in elkaar draaiden?
Kelly:
Nee, het was deze keer heel hard werken.  We hadden ditmaal ook nog niks voor we begonnen.  Voor Seasons End, nog voordat Steve bij de band kwam, hadden we al heel veel muziek, ook nog uit de tijd dat we met Fish in Schotland zaten.  Bovendien had Steve heel veel aanvullende ideeën.  Het voornaamste dat we moesten doen was de plaat construeren uit de stukken die we hadden.
Hogarth: In plaats van de stukjes en beetjes te verzamelen moesten we ze nu eerst nog maken.
Je hebt ditmaal alle teksten geschreven, op de titeltrack na.  Kun je eens uitleggen waar bijvoorbeeld The Party over gaat?
Hogarth:
De hoofdpersoon is dan wel een meisje, maar het is puur autobiografisch.  Het gaat over mijn eerste echte feestje waar alerlei vreemde dingen gebeuren.  Via via kom je er binnen, je voelt je een vreemde tussen al die mensen.   Het is er donker, de muziek staat hard, er worden drugs gebruikt, mensen zijn dronken.  Aan de ene kant voel je je heel opgewonden, aan de andere kant ben je bang.   Het zijn dezelfde soort gevoelens die je hebt als je je maagdelijkheid kwijtraakt.   Het gaat letterlijk over iemands eerste feestje, figuurlijk gaat het over het verlies van je maagdelijkheden.  Meervoud, niet alleen in sexueel opzicht dus.   Die ervaringen hebben me ook in de rockmuziek gesleept.  Toen ik voor het eerst Jimi Hendrix hoorde had ik het zelfde gevoel.  Zeer opwindend, maar ook met een voodo-sfeertje.  Het was bijna teveel van het goede.  Rock heeft ook de aantrekkingskracht van iets dat zowel gevaarlijk als opwindend is.